Gespecialiseerd in Noord-Nederlandse kunst
Zowel gerenommeerde - als talentvolle jonge kunstenaars
Gevarieerde (verhuur)collectie met nadruk op figuratie
Naast schilderijen, tekeningen en grafiek omvat de
collectie ook sieraden en op bescheiden schaal sculpturen
Frans Beelen
Frans Beelen & Wia Bouma
25 november 2010 t/m 24 december 2010
sieraden & schilderijen
Inspiratiebron voor het nieuwste werk van Wia Bouma zijn de volgende paar regels songtekst; “There is a crack in everything, That's how the light gets in” van Leonard Cohen uit het nummer ‘Anthem”.
In de schilderijen van Wia Bouma speelt het licht dan ook een rol, niet overheersend maar wel aanwezig; het licht breekt door, niet stralend, maar een vleugje. Het hoe en wat wordt niet precies geduid, maar de sfeer die daardoor ontstaat is veelzeggend.
In Wia Bouma’s werk gaat het ook om het schilderen zelf; de materie, de verf, en wat daarin gebeurt, laag op laag, dun geschilderde partijen afgewisseld met pasteus opgebrachte verf.
In haar vorige expositie was al een verschuiving naar een expressiever weergave van het landschap te zien, in deze tentoonstelling wordt de figuratie nog meer losgelaten. Strikt genomen zijn het geen landschappen meer, maar het werk roept wel een associatie op met natuur. De werelden die je kunt zien in de kleuren of de structuur van kleine voorwerpen, zoals een schelp of een steen, zijn aanleiding tot het maken van de beelden.  

De kleuren en structuren van schelpen en stenen zijn voor Frans Beelen letterlijk een beginpunt voor haar werk. Haar opvallende, kleurrijke creaties zijn een uitnodiging om het lichaam en het sensuele daarvan te benadrukken. Het zijn robuuste sieraden met verfijnde elementen om het lichaam te accentueren. Door de ongebruikelijke combinatie van textiel, kralen, veren, mineralen (gepolijst en ruw), schelpen en ander gevonden materiaal, wordt niet alleen het oog naar het sieraad getrokken, maar ontstaat ook de drang om het te voelen, aan te raken.
Frans Beelen zegt hier zelf over: “Kijken moet bij mijn sieraden ook met de handen gebeuren. Sieraden zie ik als gebruiksvoorwerpen en daarom gebruik ik alleen materialen die hun kracht niet verliezen als ze gedragen worden. Omdat kunststof meestal dof enlelijk wordt heb ik dat tot nu toe niet in mijn sieraden verwerkt .” 
Frans Beelen haalt haar inspiratie uit het kijken naar de wereld: sieraad en degene die ze draagt vormen een samenspel waarin beiden elkaar versterken. Door beweging van het lichaam gaat het sieraad spreken. Het sieraad moet aanvoelen als een kledingstuk en een worden met de huid, wat bewerkstelligd wordt door de pasvorm enhet gebruik van zachte materialen.
Haar eerste expositie in artemisia in kunstzaken (2208) werd geopend door Gieneke Arnolli, conservator Mode en Textiel van het Fries Museum. De onderstaande tekst is een citaat uit Arnolli's openingsrede. "...Aan de sieraden, de objecten van Frans Beelen is te zien dat ze vanuit het gevoel voor en de verwerking van het textiele of flexibele materiaal ontstaan. Het gaat telkens om een ontmoeting tussen hard en zacht: hoe buigt een koordje zich om een schelp, welke ronding kan een rits aan. Er ontstaan gebogen lijnen die herhaald en geaccentueerd worden, met de spanning die wordt veroorzaakt door de ontmoeting tussen hard en zacht. Daarin is het te vergelijken met de beste voorbeelden uit de Jugendstil of Art Nouveau..."